Laos

Laos is een van de leukste landen die ik tot nu toe bezocht heb. Dat komt vooral omdat het er zo vriendelijk is. Het is een beetje het België van Zuidoost-Azië. Zo heb ik dankzij de vriendelijke en uiterst behulpvaardige bevolking nergens grote problemen ervaren, hoewel het toerisme in 1997 - ik was er van 3 februari tot en met 21 februari - nog niet of nauwelijks ontwikkeld was.

Een echt hoogtepunt durf ik niet te noemen. Het land heeft van alles te bieden. Bijzonder de moeite waard zijn de prachtige natuur van de Mekong-eilanden in het zuiden, de indrukwekkende tempels van de voormalige hoofdstad Luang Prabang en de kleurrijke minderheden van het hoge noorden langs de grens met China. En geen ander land in deze regio heeft nog zoveel oorspronkelijk regenwoud. Er zijn helaas geen concrete plannen om dit zo te behouden. Ook Laos wil een van de Economische Tijgers worden. Maar nu is het land nog prachtig om te bezoeken en wie geluk heeft ziet nog olifanten aan het werk. Niet voor toeristen, maar echt voor de bosbouw.

Ik ben het hele land doorgereisd van noordwest naar zuidoost. Makkelijk ging dat niet want de enige behoorlijke infrastructuur bestaat uit de Mekong-rivier en het netwerk van binnenlandse vluchten. De zelden verharde wegen door het oerwoud zijn niet geschikt voor het binnen redelijke tijd afleggen van grote afstanden. Het vliegen gaat echter prima ook al zien de oeroude Chinese Antonov-kopieën er niet overdreven vertrouwenwekkend uit. Verder is het niet moeilijk om onder de tien dollar goede accommodatie te vinden.

Terug naar het menuNaar de eerste dag.